De verzorgingsgids van AquaSlak België, met de waarden waarmee we zelf kweken: 20–28 °C, pH 7–8, dGH 8–18 en een stuk sepia voor de schelp. Appelslakken ademen deels lucht en leggen hun eitjes boven de waterlijn, dus laat ruimte onder het dekglas. Ze eten algen, biofilm, geblancheerde groente en slakkenvoer, en laten gezonde planten met rust. Reken op 50 liter per twee tot drie slakken en combineer ze het liefst met garnalen. Levend geleverd met bpost door heel België, niet op vrijdag en zaterdag.
Lees ook: leidingwater in Vlaanderen en Wallonië · een aquarium starten in België · levering in België.
Een appelslak (Pomacea bridgesii) is een van de makkelijkste aquariumdieren die er zijn, op voorwaarde dat vijf dingen kloppen: de temperatuur, de kalk in het water, een luchtlaag onder het dekglas, met mate voeren, en een filter zonder harde stroming. Alles op deze pagina komt daarop neer. Zijn die vijf in orde, dan gaat een appelslak jaren mee en vermeerdert hij zich vanzelf.
De waarden hieronder zijn de waarden waarmee wij zelf kweken. Ze gelden voor alle kleuren die we verkopen, want het is steeds dezelfde soort.
| Temperatuur | 20–28 °C; onder 18 °C worden ze traag en vatbaar voor ziekte |
|---|---|
| pH | 7,0–8,0 |
| dGH | 8–18 |
| Kalk | een stuk sepia in het aquarium |
| Stroming | laag; een filter op zachte stand of een sponsfilter |
Bij een gewone kamertemperatuur in een Belgisch huis is een verwarming meestal niet nodig. Koelt de kamer ’s winters flink af, dan is een kleine aquariumverwarming een verstandige aanschaf.
De hardheid is minstens zo belangrijk als de temperatuur. Een appelslak bouwt zijn schelp uit de kalk in het water. Is dat water te zacht of te zuur, dan zie je dat terug in gaatjes en dunne, zwakke randen. Een stuk sepia in het aquarium is de eenvoudigste manier om dat te voorkomen.
Appelslakken ademen deels lucht. Ze steken daarvoor een sifon tot boven het wateroppervlak. Een aquarium dat tot de rand gevuld en luchtdicht afgesloten is, is daarom ongeschikt: laat altijd ruimte tussen de waterspiegel en het dekglas.
Diezelfde luchtlaag is de plek waar ze hun eitjes leggen. Een bevrucht vrouwtje zet boven de waterlijn een pakket kalkroze tot koraalkleurige eitjes af, meestal tegen het glas. Na twee tot drie weken komen de kleine slakjes uit en laten ze zich in het water vallen. Wil je bewust kweken, houd dan meerdere volwassen dieren bij elkaar; een enkele slak kan eitjes leggen, maar daar komt niets uit.
In een ingedraaid aquarium vinden appelslakken een groot deel van hun eten zelf: algen en biofilm op ruiten, stenen en hout. Vul dat aan met een schijfje geblancheerde courgette, wat spinazie of komkommer, en met slakkenvoer met extra calcium. Eén klein stukje per dag is voor de meeste aquaria ruim voldoende.
En je planten? Die laten ze met rust. Onze appelslakken eten alleen dode of rottende plantendelen. Je ziet ze wel over bladeren kruipen, maar dan grazen ze de algen eraf.
Reken op minimaal 50 liter per twee tot drie appelslakken. Kies een fijnkorrelig substraat zonder scherpe randen, waarin ze makkelijk kunnen graven, en geef ze schuilplekken van wortels of planten. Zet het filter op een lage stroming: appelslakken houden niet van een sterke stroom.
Zet een appelslak alleen in een aquarium dat al ingedraaid is. In een net opgestart aquarium is er nog geen biofilm om op te grazen en zijn de waterwaarden nog niet stabiel.
Appelslakken zijn vreedzaam en gaan samen met de meeste rustige aquariumbewoners. De beste combinatie is met Neocaridina- of Caridina-garnalen: allebei opruimers die elkaar niet in de weg zitten. Hoe dat werkt, lees je op de pagina appelslakken en garnalen samen.
Vermijd cichliden, gourami’s en (goud)vissen die bekendstaan als schelpenknagers; die zien een appelslak als voer. Ook een kreeft of een axolotl is geen gezelschap voor een slak.
Onze appelslakken worden parasietvrij gekweekt en met bpost verstuurd, door heel België, in een geïsoleerde doos. Je betaalt met Bancontact, iDEAL of kaart.
Tussen 20 en 28 °C. Bij een normale kamertemperatuur in België is een verwarming dus meestal niet nodig. Onder de 18 °C worden appelslakken traag, eten ze minder en worden ze vatbaarder voor ziekte.
Dan haalt de slak niet genoeg kalk uit het water om zijn schelp op te bouwen. Je ziet dat aan gaatjes en dunne, zwakke plekken. Houd de pH tussen 7 en 8 en de dGH tussen 8 en 18, en leg een stuk sepia in het aquarium.
Appelslakken ademen deels lucht, via een sifon die ze tot boven het wateroppervlak uitsteken. Boven diezelfde waterlijn leggen ze hun eitjes. Laat dus altijd een luchtlaag tussen het water en het dekglas.
Nee. Onze appelslakken eten alleen dode of rottende plantendelen. Gezonde planten laten ze met rust; ze grazen hooguit de algen van de bladeren.
In een ingedraaid aquarium grazen ze zelf op algen en biofilm. Vul dat aan met geblancheerde courgette, spinazie of komkommer en met slakkenvoer. Eén klein stukje per dag is voor de meeste aquaria ruim genoeg; te veel voer vervuilt het water sneller dan het de slak helpt.
Reken op twee tot drie appelslakken per 50 liter, met een filter op lage stroming. Ze houden niet van sterke stroming.
De meeste rustige aquariumbewoners, en het allerbest Neocaridina- of Caridina-garnalen. Vermijd cichliden, gourami’s en (goud)vissen die aan schelpen knagen.
Een bevrucht vrouwtje legt boven de waterlijn een pakket kalkroze tot koraalkleurige eitjes, meestal tegen het dekglas. Na twee tot drie weken komen de kleine slakjes uit en laten ze zich in het water vallen. Voor bevruchte eitjes heb je meerdere volwassen dieren nodig.
Met bpost, door heel België, in een geïsoleerde doos. Op vrijdag en zaterdag versturen we niet, zodat een pakket nooit het weekend in een sorteercentrum ligt. Je betaalt met Bancontact, iDEAL of kaart.